- Home
- | Buurt Welzijn Zorg
- | Bijstand
- | Wet Investeren in Jongeren
Wet Investeren in Jongeren
De meestgestelde vragen over de Wet Investeren in Jongeren (WIJ).
Wat is de WIJ?
Waarom komt deze wet voor jongeren er nu?
Ik wil niet werken of naar school, maar wel een inkomensvoorziening. Kan dat?
Wat gebeurt er als ik een inkomensvoorziening aan wil vragen?
Wat is een werkleeraanbod?
Hoe gaat een werkleeraanbod in zijn werk?
Hoe lang duurt een werkleertraject?
Mag ik altijd om een werkleeraanbod vragen?
Wanneer heb ik recht op een inkomensvoorziening?
Hoe hoog is de inkomensvoorziening voor jongeren?
Kan ik een toeslag krijgen op mijn inkomensvoorziening?
Waar moet ik het werkleeraanbod aanvragen?
Ik kan niet werken of leren. Kan ik toch een inkomensvoorziening krijgen?
Ik heb een kind. Mag ik voor mijn kind zorgen in plaats van te werken of leren?
Heb ik ook verplichtingen met het werkleeraanbod of de inkomensvoorziening?
Wat gebeurt er als ik mijn verplichtingen niet na kom?
Mag ik op vakantie?
Ik heb een bijstandsuitkering en doe al een re-integratietraject. Moet ik daarmee stoppen?
Ik heb een WW-uitkering. Krijg ik een werkleeraanbod?
Wat is de WIJ?
WIJ staat voor Wet Investeren in Jongeren (WIJ). Dit is een wet die ervoor moet zorgen dat alle jongeren tot 27 jaar een opleiding volgen of werken.
De gemeente moet jongeren tot 27 jaar die niet werken of geen opleiding volgen de mogelijkheid geven alsnog een opleiding te volgen of werkervaring in een leerbaan op te doen. Dit heet een werkleeraanbod.
Jongeren die het werkleeraanbod aanvaarden en geen andere inkomsten hebben kunnen aanspraak maken op een inkomensvoorziening.
Jongeren tot 27 jaar hebben geen recht meer op een uitkering uit de Wet Werk en Bijstand (Wwb).
Waarom komt deze wet voor jongeren er nu?
De regering wil niet dat jongeren zonder diploma of zonder werkervaring thuis zitten. Met deze wet probeert de regering zoveel mogelijk jongeren aan een goede opleiding en een goede baan te helpen. Juist als je jong bent is het belangrijk dat je je school afmaakt en werkervaring opdoet. Doe je dat niet, dan kun je daar je hele leven last van hebben. De kans dat je dan lang van een uitkering moet leven is groot. En van een uitkering word je niet rijk.
Met een diploma of werkervaring heb je meer kans een goede baan te vinden. Je bent dan onafhankelijk en verdient je eigen geld. En, er zijn altijd mensen met een diploma nodig. Nu en in de toekomst.
Ik wil niet werken of naar school, maar wel een inkomensvoorziening. Kan dat?
Nee, dat kan niet. Je krijgt alleen een inkomensvoorziening als je het werkleeraanbod van de gemeente aanvaard.
Er is wel een uitzondering: kun je door een ziekte of psychische of lichamelijke problemen niet werken of leren, dan hoef je geen werkleeraanbod te aanvaarden en kun je wel een inkomensvoorziening krijgen.
Wat gebeurt er als ik een inkomensvoorziening aan wil vragen?
Zodra je bij het Werkplein of jongerenloket komt, krijg je een gesprek met een medewerker.
Die bekijkt welke opleiding je hebt gedaan en of je al werkervaring hebt. Misschien is er een geschikte baan voor je en kun je meteen solliciteren. Is er geen betaald werk voor jou? Dan krijg je een werkleeraanbod.
Pas als je actief meewerkt aan het werkleeraanbod, kun je een inkomensvoorziening krijgen. Maar die krijg je alleen als je niet genoeg geld hebt om van te leven. Krijg je voor de opleiding en het werk dat je doet bijvoorbeeld maar een kleine vergoeding? Dan krijg je een aanvullende inkomensvoorziening.
Wat is een werkleeraanbod?
Wat de inhoud van het werkleeraanbod precies wordt is voor iedere jongere verschillend. In ieder geval is dat een aanbod voor een opleiding of werk of allebei.
Er kunnen ook nog andere dingen bij het werkleeraanbod horen, zoals:
• vrijwilligerswerk;
• een cursus hoe je moet omgaan met geld en schulden;
• een inburgeringscursus;
• begeleiding bij het afkicken van een verslaving.
Wat je precies gaat doen hangt af van wat jij wilt en goed kunt, maar ook van wat de gemeente nodig vindt voor jou om een baan te vinden. Dit verschilt per gemeente. Dat komt omdat elke gemeente zelf afspraken hierover maakt met scholen, werkgevers, re-integratiebedrijven en organisaties. Je kunt leren voor een gewoon vak en daarin stage lopen of werken. Je kunt bijvoorbeeld leren voor loodgieter of timmerman of een opleiding volgen in de horeca en tegelijk meewerken in een kantine. Maar dit zal geen gewone (v)mbo- of hbo-opleiding zijn. Die horen niet bij een werkleeraanbod.
Hoe gaat een werkleeraanbod in zijn werk?
Jouw verzoek om een werkleeraanbod gaat naar een casemanager van de gemeente.
Je praat met je casemanager over wat je kunt gaat doen en wanneer. Geef hierbij aan wat jij graag wilt doen. Je casemanager zet de mogelijkheden en jouw wensen op papier, en zorgt dat je aangemeld wordt bij een re-integratiebedrijf. Dit re-integratiebedrijf gaat samen met jou in kaart brengen wat jij nodig hebt om in de toekomst een baan te krijgen en ook te behouden.
De afspraken die je samen met het re-integratiebedrijf maakt worden vastgelegd in je trajectplan. Een trajectplan is een soort overeenkomst tussen jou, het re-integratiebedrijf en de gemeente. Alle drie partijen moeten zich aan de afspraken in het plan houden.
Je krijgt daarna een officiële brief van de gemeente waarin de afspraken over jouw trajectplan staan. De gemeente probeert zoveel mogelijk rekening te houden met jouw wensen, maar beslist uiteindelijk wat je precies gaat doen.
Dat kan dus ook iets anders zijn dan wat jij wilt.
Hoe lang duurt een werkleertraject?
Een werkleertraject duurt net zo lang als nodig is. Het stopt wanneer je:
• een betaalde baan hebt gevonden;
• een opleiding gaat doen waarvoor je studiefinanciering of Wtos (een tegemoetkoming in de
schoolkosten) krijgt; of
• 27 jaar oud wordt.
Ben je klaar met het werkleertraject, maar heb je nog geen betaalde baan? En ben je ook nog geen 27 jaar? Dan krijg je opnieuw een werkleeraanbod van de gemeente.
Mag ik altijd om een werkleeraanbod vragen?
Ja, dat mag. Je moet natuurlijk wel tussen de 16 en 27 jaar oud zijn. Ben je 16 of 17 jaar? Dan moet je wel een schooldiploma hebben (HAVO, VWO of MBO2). En je mag best al een baantje hebben, maar voor niet meer dan 15 uur per week.
Maar soms heeft het geen zin om een werkleeraanbod aan te vragen. Je hebt namelijk niet altijd recht op een werkleeraanbod, zoals in de volgende gevallen:
• Je hebt meer eigen inkomsten uit werk dan wat je aan inkomensvoorziening kunt krijgen.
de inkomsten van een partner hebben geen invloed op je recht op een werkleeraanbod.
Het maakt ook niet uit of je nog vermogen hebt, bijvoorbeeld spaargeld.
• Je hebt recht op een andere uitkering, bijvoorbeeld een WW-uitkering of Wajonguitkering.
• Je hebt al een uitkering voor kunstenaars (WWIK)
• Je kunt recht hebben op een uitkering voor zelfstandigen (Bbz).
• Je hebt van je baas onbetaald verlof gekregen.
• Je hebt je niet aan de afspraken met de gemeente gehouden. Je krijgt dan een tijdje geen
werkleeraanbod (zie ook ‘Wat gebeurt er als ik mijn verplichtingen niet nakom?’).
• Je zit in de gevangenis.
Wanneer heb ik recht op een inkomensvoorziening?
Voor een inkomensvoorziening moet je 18 jaar of ouder zijn. Daarbij zijn er twee mogelijkheden:
1e mogelijkheid: Je hebt een werkleeraanbod gekregen:
Heb je weinig of geen inkomsten of vermogen en je partner ook niet? Dan kun je recht hebben op een inkomensvoorziening.
2e mogelijkheid: Je hebt een ernstige ziekte of een beperking. Daardoor kun je niet leren of werken en dus ook geen werkleertraject volgen.
(zie ook de vraag: ‘Ik kan niet werken of leren. Kan ik toch een inkomensvoorziening krijgen?’).
Heb je vermogen? Dan mag dat niet méér waard zijn dan een bepaald bedrag. Dat bedrag is € 5.555 als je alleenstaand bent of € 11.110 als je alleenstaande ouder bent of getrouwd bent of samenwoont. Heb jij (of je partner) meer vermogen? Dan heb je geen recht op een inkomensvoorziening. Vermogen is geld of spullen die veel geld waard zijn, zoals een auto.
Hoe hoog is de inkomensvoorziening voor jongeren?
De hoogte van de inkomensvoorziening hangt af van je leeftijd. Er is een bedrag voor jongeren van 18,19 en 20 jaar en een bedrag voor jongeren van 21 jaar en ouder.
De maximale hoogte van de inkomensvoorziening komt overeen met de bijstandsnorm.
Als je jonger bent dan 18 jaar krijg je geen inkomensvoorziening.
Je ouders kunnen dan nog kinderbijslag voor jou krijgen. Verder maakt het uit of je alleen woont of samen met een partner of kind. Er zijn verschillende bedragen voor alleenstaanden, alleenstaande ouders en voor gehuwden en samenwonenden.
Je krijgt alleen een uitkering voor gehuwden of samenwonenden als jouw partner ook een
werkleeraanbod heeft.
De inkomensvoorziening is altijd een aanvulling op je eigen inkomsten. Verdien je geld met het werk dat je doet, maar niet zo veel? Dan vult de inkomensvoorziening dit aan tot het bedrag dat voor jou geldt.
Woon je samen of ben je getrouwd? Dan tellen de inkomsten van je partner ook mee. Inkomsten als kinderbijslag, huur- en zorgtoeslag tellen niet mee voor de inkomensvoorziening. Die mag je dus houden.
Vakantiegeld
Bij je inkomensvoorziening krijg je vakantiegeld. Dit spaart de gemeente op en betaalt zij in juni in één keer uit, samen met je gewone inkomensvoorziening. Je krijgt je vakantiegeld eerder als je inkomensvoorziening stopt.
Woon je in een instelling? Dan heb je ook recht op een tegemoetkoming voor de ziektekostenpremie. Die is € 45 als je alleenstaand of alleenstaande ouder bent en € 83 als je getrouwd bent of samenwoont.
Kan ik een toeslag krijgen op mijn inkomensvoorziening?
Je kunt bij je uitkering nog extra geld krijgen. Dit is een toeslag. Of je een toeslag krijgt hangt af van hoe en met wie je woont. Woon je alleen of alleen met je kind(eren)? En moet je huur, gas, water en elektriciteit helemaal zelf betalen? Kun je deze kosten niet delen met iemand anders? Dan heb je recht op een toeslag bovenop je inkomensvoorziening. Die toeslag is maximaal € 246,06 per maand, met daarbij € 12,95 vakantiegeld.
Woon je samen met je partner? Dan heb je geen recht op een toeslag.
Waar moet ik het werkleeraanbod aanvragen?
Bij het Werkplein bij jou in de gemeente of regio. Het Werkplein in Drachten stuurt jouw aanvraag door naar de afdeling Sociale Zaken van de gemeente. De casemanager van de gemeente bekijkt of je een werkleeraanbod krijgt. Hiervoor moet je misschien nog informatie en bewijsstukken inleveren.
De gemeente bekijkt meteen of je ook recht hebt op een inkomensvoorziening. Die hoef je dus niet apart aan te vragen. Als je recht hebt op een inkomensvoorziening, dan krijg je deze als de gemeente alle gegevens heeft die hiervoor nodig zijn.
Ik kan niet werken of leren. Kan ik toch een inkomensvoorziening krijgen?
Je hoeft niet te werken of te leren als je dit door een ziekte, beperking of psychische problemen niet kunt. Om dan toch een inkomensvoorziening te krijgen moet je aan de volgende voorwaarden voldoen:
• Je hebt geen of weinig inkomsten of vermogen (zie ook ‘Wanneer heb ik recht op
een inkomensvoorziening?’). Ook de inkomsten en het vermogen van je partner tellen
mee voor de inkomensvoorziening
• Je hebt geen recht op een andere uitkering, bijvoorbeeld een Wajonguitkering.
• De gemeente heeft aan een onafhankelijke arts gevraagd een onderzoek te doen naar
je mogelijkheden. In het verslag van dit onderzoek staat wat je precies hebt
en dat je daardoor niet kunt werken of leren.
In de verklaring van deze arts staan verschillende zaken zoals:
• hoe lang je waarschijnlijk niet kunt werken of leren,
• waar de gemeente op moet letten wanneer je wel kunt werken of leren (je mag bijvoorbeeld geen zwaar werk doen of geen hele dagen werken),
• of de arts vindt dat je een (medische) behandeling nodig hebt.
De gemeente zal rekening houden met de adviezen van de arts. Kun je volgens de arts een bepaalde periode niet werken of leren dan kun je aanspraak maken op een inkomensvoorziening zonder werkleeraanbod. Na deze periode heb je opnieuw een verklaring nodig. Wanneer de arts aangeeft dat je wel (gedeeltelijk) kunt werken of leren, dan krijg je eerst een werkleeraanbod en dan pas een inkomensvoorziening.
Krijg je die niet omdat je volgens de dokter wel kunt werken of leren? Dan krijg je eerst een werkleeraanbod en pas daarna een inkomensvoorziening. Als de arts vindt dat je een (medische) behandeling nodig hebt dan moet je je laten behandelen.
Ik heb een kind. Mag ik voor mijn kind zorgen in plaats van te werken of te leren?
Als ouder wil je graag voor je kind zorgen, zeker als dat nog jong is. Toch is het belangrijk dat je je kansen op betaald werk vergroot. Dat doe je niet door altijd thuis te zijn met je kind.
Is je kind jonger dan vijf jaar? Dan moet je wel een opleiding volgen, maar hoef je niet te werken als je dat niet wilt. Je moet hier wel zelf om vragen bij het Werkplein.
Als je jongste kind ouder is dan vijf krijg je pas een inkomensvoorziening wanneer je het werkleeraanbod aanvaardt.
Heb ik ook verplichtingen met het werkleeraanbod of de inkomensvoorziening?
Jazeker. Hieronder staan de belangrijkste:
• Informatie doorgeven:
Je moet alle belangrijke informatie doorgeven aan de gemeente. Belangrijke
informatie is bijvoorbeeld dat je op jezelf gaat wonen of gaat samenwonen, dat je geld
gaat verdienen met een bijbaantje of dat je partner betaald werk heeft gevonden, dat je
niet langer ziek bent of een beperking hebt. Alles wat van invloed kan zijn
op je werkleertraject of op de inkomensvoorziening, moet je doorgeven aan de gemeente.
Dit moet je zo snel mogelijk doen.
• Zorgen dat je kans op betaald werk groter wordt:
Hiervoor moet je meewerken aan een onderzoek naar je mogelijkheden, dus naar welk
werk of welke opleiding je zou kunnen doen. Ook moet je meewerken aan het maken van
je trajectplan. Het is belangrijk dat je goed meewerkt. Want door te werken of te
leren vergroot je de kansen op betaald werk. Je krijgt meer kennis en een diploma, en je
doet werkervaring op.
• Afspraken en regels nakomen:
Je maakt met je casemanager afspraken over je werkleertraject. Wat je gaat doen,
wanneer en hoe. Die afspraken staan in je trajectplan. Hieraan moet je je aan houden.
Ook afspraken die je maakt met je leraren, het re-integratiebedrijf of met je werkgever kom
je na. En je moet je overal netjes gedragen.
Ook moet je op tijd doorgeven dat je met vakantie wilt en je mag niet langer met
vakantie dan je hebt afgesproken met de gemeente. Zie ook ‘Mag ik met vakantie?’.
• Geen onredelijke eisen stellen:
Je mag altijd vertellen wat jouw wensen zijn voor werk en opleiding. Daar houdt
de gemeente als het kan ook rekening mee. Maar als jouw wensen niet mogelijk zijn, mag
je niet eisen dat je werkleeraanbod toch aan je wensen voldoet. Zo mag je niet eisen dat
je 's ochtends niet hoeft te werken omdat je zo slecht bent in vroeg opstaan, terwijl
je werkgever wil dat je om zeven uur begint omdat dit voor het werk noodzakelijk is.
Het is ook niet redelijk een opleiding te kiezen waarmee je waarschijnlijk nooit aan het
werk komt. Een opleiding moet dus altijd je kans op werk vergroten.
• Je best doen bij sollicitaties en aangeboden werk aannemen:
Ga je solliciteren? Dan moet je je best doen om de baan te krijgen. Misschien krijg je
tijdens je opleiding of stageplek een baan aangeboden. Bijvoorbeeld bij de werkgever
waar je stage loopt. Of ergens anders. Als die baan geschikt voor jou is, moet je
die aannemen. Het re-integratiebedrijf gaat dan overleggen met je nieuwe werkgever
over hoe jouw opleiding of scholing door kan gaan.
Wat gebeurt er als ik mijn verplichtingen niet nakom?
Dat heeft altijd gevolgen voor je werkleeraanbod en je inkomensvoorziening. De gemeente kan drie dingen doen:
• je werkleeraanbod (tijdelijk) intrekken;
• je inkomensvoorziening verlagen of (tijdelijk) stopzetten;
• of allebei.
Heb je een werkleeraanbod?
De gemeente kan je werkleeraanbod (tijdelijk) intrekken. Je mag dan niet meer werken of je opleiding volgen en je krijgt ook geen inkomensvoorziening meer. In het ergste geval ben je je werk of stageplek echt kwijt. Je kunt wel weer een nieuw werkleeraanbod krijgen maar dan moet je wel aantonen dat je je in het vervolg wel aan de afspraken houdt.
Ook bij het nieuwe aanbod maak je weer nieuwe afspraken, die in een trajectplan worden vastgelegd.
Heb je een inkomensvoorziening?
De gemeente kan besluiten je werkleeraanbod niet in te trekken, maar je een maand of langer een lagere inkomensvoorziening te geven.
voorbeeld:
Je krijgt een week de tijd om bepaalde informatie door te geven. Doe je dit niet en reageer je ook niet om de reden op te geven waarom je je niet aan de afspraak kunt houden, dan wordt de inkomensvoorziening definitief stopgezet. Je hebt dan geen recht meer op een inkomensvoorziening.
Heb je je al vaker niet aan afspraken gehouden of heb je informatie over bijvoorbeeld inkomsten met opzet niet doorgegeven? Dan kan de gemeente de inkomensvoorziening tijdelijk stopzetten. Je krijgt dan een maand of langer helemaal geen geld meer.
Mag ik op vakantie?
Ja, dat mag. Er gelden voor vakantie in het buitenland en in Nederland wel een paar voorwaarden:
• Als je een opleiding volgt, mag je alleen weg tijdens de schoolvakanties.
• Als je werkt of stage loopt moet je voor je vakantieplannen toestemming vragen aan
je werkgever.
• Je moet de gemeente altijd toestemming vragen voor je vakantie. Doe dit minstens
vier weken van tevoren. Geef precies door wanneer je weggaat en weer terugbent.
Na terugkomst moet je je melden bij de gemeente.
Je mag per jaar 13 weken naar het buitenland. Dat kan voor een vakantie zijn of voor iets anders, familiebezoek bijvoorbeeld.
Je mag niet 13 weken achter elkaar naar het buitenland. Vier weken achter elkaar is het maximum. Ga je langer dan vier weken weg, dan zet de gemeente je inkomensvoorziening stop. Dit gebeurt ook als je in totaal meer dan 13 weken in het jaar naar het buitenland gaat.
Ga je op vakantie in Nederland? Dan maakt het voor je inkomensvoorziening niet uit hoe lang je weggaat. De gemeente moet het wel goed vinden en de afspraken in je trajectplan mogen niet in gevaar komen.
Ik heb een bijstandsuitkering en doe al een re-integratietraject. Moet ik daar mee stoppen?
Nee, daar moet je mee doorgaan. Hopelijk kun je na het traject aan de slag. Lukt dat niet meteen, dan kun je na je traject nog een werkleeraanbod krijgen zolang je geen 27 jaar bent.
Loopt je re-integratietraject door tot na 1 juli 2010? Dan zal de gemeente bekijken hoe jouw traject aan de eisen van een werkleeraanbod kan voldoen. Misschien moet er iets aan je traject veranderen.
Ik heb een WW-uitkering. Krijg ik een werkleeraanbod?
Je krijgt pas een werkleeraanbod als je WW-uitkering is afgelopen. Zolang je een WW-uitkering krijgt, geldt voor jou de sollicitatie- en re-integratieplicht die bij de WW hoort. Lukt het niet tijdens de WW-periode werk te vinden, en wil je na je WW een inkomensvoorziening voor jongeren aanvragen? Dan krijg je op dat moment een werkleeraanbod en
als je aan de voorwaarden voldoet, ook een inkomensvoorziening.

