- Home
- | Weblog van Bert Middel
- | Bestuursstijl
Bestuursstijl
Mijn politieke en bestuurlijke vuurdoop kreeg in mijn geboortestad Groningen, in het begin van de roemruchte jaren zeventig. Als jong broekie van 21 jaar werd ik voorzitter van de Groningse PvdA, destijds met zo'n drieduizend leden de grootste lokale partijafdeling in het land. Het was de tijd van verandering als doel, van polarisatie als strategie en van een linkse raadsmeerderheid als instrument.
Ik heb er veel van geleerd en gelukkig ook heel wat afgeleerd. Bijvoorbeeld dat alleen een numerieke meerderheid bij besluitvorming ook niet alles is. Want het gaat er om een zo breed mogelijk draagvlak voor je ideeën te verwerven. Want dan neemt de effectiviteit van de uitvoering ervan alleen maar toe. Ook heb ik gemerkt dat het van belang is van meet af aan een duidelijk standpunt te vertolken, zodat anderen weten wat ze aan je hebben. Voor je mening durven uitkomen dus, waarna in het vervolg kan blijken in hoeverre anderen daarin mee kunnen gaan. En waar jezelf je oorspronkelijke visie moet bijstellen. Want het gaat in het politieke bestuur niet om gelijk te hebben, maar om gelijk te krijgen. En daarvoor moet je je eigen gelijk meer dan eens bijstellen.
Enkele jaren later was ik gemeenteraadslid in Assen, waar mijn partij evenals destijds in Groningen bijna een absolute meerderheid bezat. De afstand tussen beide steden bedraagt nog geen dertig kilometer, maar de respectieve bestuursstijlen liepen nogal uiteen. Waar het in Groningen de gewoonte was om met weinig woorden gewoon te zeggen wat je vond – waarna wel bleek hoe ver je daarmee kwam – ging het er in Drenthe een stuk omzichtiger aan toe. Generaliserend gesproken was overeenstemming het uitgangspunt in het politiek-bestuurlijke proces. En daarmee dus niet het beoogde resultaat. In het Drents heet dit: "Wie wodt 't wal iens".
Ook deze stijl van besturen werkte, zij het dat het wel vaak wat langer duurde dan in Groningen. Daar waren de onderlinge betrekkingen ondergeschikt aan het doel, terwijl het in Drenthe wel eens omgekeerd leek te zijn. Ik redde me er aardig mee en bleef ruim twintig jaar in Drenthe wonen.
Intussen was ik Tweede-Kamerlid geworden. Gedurende drie kabinetsperioden maakte ik twee premiers mee. Ruud Lubbers en Wim Kok. Beiden worden in de geschiedschrijving tot de beteren gerekend. Maar de stijl van Lubbers sprak me meer aan dan die van Kok, wat niets te maken heeft met hun politieke voorkeuren.
Lubbers schroomde niet om al in het begin van een besluitvormingsproces met een ferme mening naar buiten te komen. Niet zelden kwam dit confronterend over. Maar hij ging nooit het debat uit de weg en hij discussieerde altijd op basis van argumenten. Dit verschafte hem binnen het kabinet en in het parlement een ijzersterke positie.
Maar dit zeggen wat je vindt heeft hem niet alleen successen gebracht. Zo werd Lubbers geen voorzitter van de Europese Unie. Hij had namelijk een eigen mening over de eenwording van Duitsland na de val van de Muur. Die mening werd door zijn Duitse collega – en geestverwant – Helmut Kohl niet op prijs gesteld. Dus ging het feest niet door. Verder was Lubbers niet van plan om klakkeloos de opvattingen van de Verenigde Staten te verkondigen. Dus werd hij ook geen secretaris-generaal van de Navo. Hij zou wel enkele jaren Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen zijn, wat om een andere reden uiteindelijk misging.
Wim Kok hanteerde een heel andere stijl. Hij liet anderen eerst hun meningen spuien en trok pas dan zijn conclusies. Deze kwamen doorgaans overeen met de grootste gemene deler in het kabinet. Zo creëer je eerst draagvlak. Pas later neem je zelf een positie in. Ook deze bestuursstijl werkte, zeker in kabinetten waarin twee tegengestelde partijen – PvdA en VVD – samenwerkten.
Of er een 'Fries-eigen' bestuursstijl is weet ik niet. Wel is het opvallend dat door de jaren heen de twee grote politieke blokken – CDA en PvdA – redelijk goed met elkaar door één deur kunnen. In de Friese Wouden geldt dit zeker. Dat garandeert een basis van stabiliteit. Men heeft elkaar nodig en gunt elkaar de ruimte. Dit doet mij een beetje aan Drenthe denken. Maar tegelijkertijd wordt zonder veel omhaal van woorden gezegd hoe men er over denkt. Deze eigenzinnigheid doet me meer aan Groningen denken.
De bestuursstijl in onze regio lijkt effectief. Er wordt steeds geprobeerd consensus en daadkracht met elkaar te verbinden. Dat spreekt me zeer aan. Zowel de stijl-Lubbers als de stijl-Kok kan hier in gedijen. Maar het maken van een keuze tussen beide – of een mengvorm – is meer een kwestie van persoonlijke voorkeur dan van politieke aard. Daarin kan iedereen dus verschillen, binnen gemeenteraden, binnen Staten en binnen bestuurscolleges. En dat maakt besturen eigenlijk ook wel weer aardig.
Het volgende weblog verschijnt op vrijdag 25 april 2008.
Eerste Vorige 24/95 Volgende Laatste

